Frisse lucht…?

Nee, geen overstroomde WC’s met bijbehorende putluchten dit keer.

Geen stinkende hondenuitwerpselen op plaatsen waar ze absoluut niet horen.

Ook geen eten laten aanbranden en het brandalarm laten afgaan. Niet vandaag.

Wel vandaag: verdwalen in de skyway. Dat leg ik even uit…

Ik heb het vast al eens eerder gezegd, maar in Minneapolis kan het koud worden. Vies koud. Zo koud, dat als je naar de thermometer kijkt al denkt “ik vries dood, ik hoop dat ik een gewatteerde kist krijg”, maar dat je als je vervolgens het Weather Channel aanzet, hoort dat de gevoelstemperatuur, de beruchte windchill, nog eens tien graden onder de daadwerkelijke temperatuur ligt. Er zijn dan twee dingen die je kunt doen, denk je dan als redelijk nuchtere Hollander: 1) bikkelen, en 2) bikkelen.

Zoniet de inheemse bevolking. Nee, de inheemse bevolking is de nuchtere Nederlander duidelijk een stapje voor. De inheemse bevolking schept wel op over hoe snel je gewend raakt aan de vrieskisttemperaturen, maar speelt ondertussen ook buitengewoon gemeen vals. Hoe dan? Door middel van de skyway.

Het moet gezegd: de skyway is een vernuftig systeem. In feite betekent het het volgende: alle gebouwen in het stadscentrum die op de een of andere manier redelijk belangrijk zijn, zijn door middel van luchtbruggen met elkaar verbonden. Die zien er bijvoorbeeld zo uit:

Nadeel is dat die luchtbruggen allemaal achteraf zijn aangelegd. Consequentie daarvan is dat de kortste weg tussen twee punten weliswaar een rechte lijn is, maar de warmste weg tussen twee punten absoluut niet. Het is eigenlijk gewoon een doolhof, kort gezegd. Voor hen die bekend zijn op de Tilburgse universiteit: neem gebouw P, en vermenigvuldig dat een aantal keer. Dit is een heel nieuw niveau van sadisme. Voor wie me niet gelooft, hier een plattegrondje:

Anyhow, zoals ik in een vorige post schreef was ik deze week op de rechtbank. Nadat ik daar klaar was dacht ik: laat ik even naar de bank gaan. Is vlakbij, moet even snel kunnen. Ik kan je vertellen: door de skyway is het èn niet vlakbij, èn niet ‘even snel’. Ik doolde al twintig minuten rond tussen de bleke kantoorklerken, op zoek naar een plattegrond, tot ik door een mevrouw werd aangesproken die vroeg of ze me ergens mee kon helpen. JA! Jazeker! Reddende engel, barmhartige samaritaan, en zo verder. Het bleek dat deze dame bijzonder bekend was in de skyway, zo vertelde ze: niet alleen werkte ze in een van de gebouwen in het luchtbrugsysteem, ze woonde er ook in één. Trots vertelde ze dat ze in de winter eigenlijk nooit meer naar buiten hoefde, omdat Target (spreek uit Tarzjee, een grote supermarkt, iets minder evil dan Walmart) ook aan de skyway zat. Ze praatte er snel overheen, ze meldde het eigenlijk alleen maar en passant, maar ik vond het fascinerend. Dus zó overleeft de inheemse bevolking de winter in Minneapolis—door gewoon helemaal niet naar buiten te gaan!

Al kletsend bereikten we tien minuten later het gebouw van Wells Fargo, de bank. Alle koetjes en kalfjes waren ondertussen gepasseerd, en ik bedankte de mevrouw hartelijk voor het wijzen van De Weg. Maar m’n gedachten waren nog steeds ergens anders: de gedachte dat deze vrouw misschien al weken geen frisse lucht had ingeademd was…benauwend (ha!ha!ha!).

Ergens is het wel grappig dat de natives de winter ook niet zomaar even kunnen trotseren, maar dat ze dit soort uitvluchten verzinnen. Dat ze vervolgens helemaal geen frisse lucht meer binnenkrijgen, tsja…eng, treurig, of gewoon erg slim? Ik ben er nog niet uit…