Americana

Na een lange stilte aan deze kant maar weer eens een berichtje. Beter laat dan nooit, nietwaar?

Hoe dan ook: hier in Amerika gaat nog steeds alles goed. Na een fijne kerst en jaarwisseling in het altijd gezellige, net-wat-kouder-dan-normale Europa ben ik rond half januari weer teruggevlogen naar de Verenigde Staten. Op zich een prima vlucht, en het was best een beetje vreemd om weer terug te zijn: vorig jaar rond die tijd begon ik me er net van bewust te worden dat ik weer voor langere tijd in Nederland zou zijn, en nu was ik ineens weer op Amerikaanse bodem.

Vliegen in Amerika is altijd wel grappig, vind ik zelf. Ik heb het nu geloof ik vaker gedaan dan ik ooit in Europa op een vliegtuig ben gestapt, dus ik kan ondertussen wel een aardige vergelijking maken. Het grootste verschil zijn volgens mij de mensen (hee! een open deur!). De Amerikanen die ik namelijk op vliegvelden tegenkom, zitten nooit om een praatje verlegen. Nooit. Ik weet niet of ik een groot bord “spreek mij aan! nu!” op m’n voorhoofd heb zitten, maar het gebeurt me iedere keer weer: iemand begint over het shirt dat ik aanheb (bijvoorbeeld een trui van je universiteit), het boek dat je aan het lezen bent, of iemand begint gewoon in het luchtledige een opmerking te maken in de hoop dat iemand het zal oppikken. (En ja, in zo’n geval ben ik dan wel weer zo nieuwsgierig dat ik dat dan doe, haha.) Hoe dan ook: op iedere vlucht maak ik nieuwe vrienden voor voor het leven voor de tijd dat we wachten om de vlucht te mogen boarden. Hoe dan ook: best gezellig, en het maakt de wachttijd weer wat korter. (Alleen: hoe krijg ik nou ooit m’n boek uit?!)

Terug zijn in Minneapolis was weer even wennen. Voornamelijk met betrekking tot het weer: het was namelijk gemeen koud. Geen verrassing, en het was goed te horen dat ik de echte vrieskou (graadje of −30ºC) had gemist, maar −20ºC is nog steeds verdomde koud, dankuwelalstublieft. De draad weer oppakken was gelukkig niet zo lastig: na een vrije maandag vanwege Martin Luther King-dag, begonnen de colleges weer—op m’n verjaardag. Nog nooit zo’n leuk verjaardagscadeau gehad!

Al het sarcasme terzijde: m’n verjaardag was prima. ‘s Avonds met wat vrienden een hapje gaan eten, en omdat ik wel weer eens aan een dosis (Tex)Mex en margarita’s toe was, even op internet rond gekeken naar een goede Mexicaan. Gevonden in St. Paul, en toen ze hoorden dat ik jarig was moest ik natuurlijk op de foto met een sombrero en kreeg ik een verjaardagsijs. Geen -je, want het was GROOT.

De twee figuren die wat minder gezellig kijken dan normaal zijn Duitsers. Maar dat had je vast zelf al geraden. Duitsers met sombrero’s…geweldige combo.

Anyway: school. Na even op gang komen, en het zenuwslopende proces van vakken kiezen, vakken wisselen en vakken laten vallen had ik begin februari dan toch eindelijk m’n definitieve pakket voor elkaar. Zodoende zit ik dit semester met deze vakken opgescheept:

  • Criminal Procedure (erg leuk, en een erg leuke professor—een voormalig FBI-agent),
  • Jurisprudence/Philosophy of Law (leek zo leuk, maar blijkt wel erg filosofisch uit te pakken, en de docent heeft er een handje van zijn colleges van 55 minuten in 40 minuten af te raffelen, waardoor je voor aantekeningen “wat minder” tijd hebt…)
  • Smart Growth (klinkt vaag, is wel leuk: gaat over het verschijnsel urban sprawl, suburbanisering, en alle factoren die daarbij komen kijken. Jammer alleen dat de prof zichzelf nogal graag ziet en hoort, en, als je hem een e-mailtje stuurt, reageert met “Thx”. Sorry hoor, maar als je geen 12 bent, dan kan dat ècht niet!)
  • Learning the law by avoiding it in the process (oplossen van juridische vraagstukken zonder gebruik te maken van de wet of het recht, best verfrissend en soms erg grappig. Vooral leuk om die discussies vol in te gaan als de advocaat van de duivel en wat mensen verontwaardigd te laten kijken. Maakt niet uit, ik ben toch al buitenlander ;-).)
  • En, tenslotte: judicial observation. Toch wel het leukste wat ik dit semester mag doen, denk ik: het houdt precies in wat de titel van het vak al zegt—ik mag voor een x-aantal uur per maand meelopen met een rechter, in mijn geval een federal judge en alles zien. Hartstikke interessant. Ik zit bij rechter Rosenbaum, een al wat oudere, daadkrachtige, en vrij conservatieve man…een echte (Amerikaanse) rechter, niet zo fijnzinnig, wel vrij to the point en inclusief no bullshit mentaliteit. Hoort zichzelf ook graag ;-).

Natuurlijk (gelukkig) is het niet alleen maar school wat de klok slaat. En dus vertrokken een aantal van ons begin februari naar een heuse ‘roller derby’. Kort en bondig: tough chicks on wheels. Wat uitgebreider: dames op rolschaatsen, op een al dan niet ‘gebogen’ arena (zo’n indoor wielerarena, maar dat was hier niet het geval), die elkaar zo snel mogelijk (en met eventueel lichamelijk contact, maar vooral door heel behendig te schaatsen) moeten inhalen. Teams hebben namen als “The Atomic Bombshells” en “Dagger Dolls”, en de schaatsters hebben bijnamen als “Killamon Jaro”, “Kim Jong Kill” of “Flora Flipabitch”. Erg grappig om naar te kijken. Hoe kwamen we er nu bij om hier naartoe te gaan? Wel, eind vorig jaar waren we naar de film “Whip It” geweest, en die gaat, hoe raad je het, over roller derby. Ik was meegesleurd en wist vooraf niet wat ik moest verwachten, maar ik vond het een leuke film—bovendien viel me na een tijdje op dat ik de omgeving wel erg bekend vond voorkomen, en dat klopte: de hele film speelt namelijk in en rond Austin, Texas!

Over Texas gesproken: daar ben ik net ook weer even naartoe geweest. De law school gaf ons namelijk een ‘winter break’ begin februari (geen idee waarom ze dat doen, we zijn net terug van de kerstvakantie en volgende maand is het alweer spring break, maar goed: over een gratis vakantie klaag je niet), en ik was eigenlijk van plan om wat bekenden te gaan opzoeken aan de Oostkust. Maar dat kwam uiteindelijk niet zo lekker uit: jullie hebben vast allemaal gehoord van de snowpocalypse/snowmageddon die de Oostkust op dat moment teisterde. Dat werd dus andere plannen maken, en wel op heel korte termijn… vliegtickets waren ondertussen wel erg prijzig geworden, en dus besloot ik op een gegeven moment om dan maar in de auto te stappen en naar het (warme!) Texas te rijden. Of, nouja, ‘warm’—toen ik op de tweede dag eenmaal in Texas reed, sneeuwde het bij Dallas toch bijzonder hard… Gelukkig met m’n sneeuwbanden geen probleem, maar ik zag toch wel wat trucks die door een overdosis hubris in de greppel waren beland. Afgezien van de sneeuw was de rit overigens prima, zowel heen als terug: je doet er ongeveer anderhalve dag over, inclusief overnachting in een goedkoop motel in Oklahoma City, en dat is goed te doen. In totaal is het zo’n 4,000 kilometer retour…

Het was leuk om weer even terug te zijn in het land van goed weer en Tex-Mex: lekker bijgepraat met vrienden her en der, buiten gezeten, rondgelopen in korte broek en slippers (hell yes!), uitgenodigd bij een professor thuis voor het eten (erg gezellig, en lekker!) en er gewoon lekker even tussenuit geweest. Minneapolis is leuk, maar dit kleine stadje in Texas is stiekem ook wel heel gezellig. Het weer is er onverslaanbaar (al hoorde ik dat het er deze week toevallig ook gesneeuwd heeft…het grote verschil is alleen dat het de dag erna weer 15ºC was, en zonnig, haha)!

(Dat laatste noemen ze in Texas antiek, maar is stiekem gewoon rommel. Serieus. Een oude tuinstoel en een roestige fiets met vastgelopen ketting? Da’s geen antiek. Da’s rijp voor de vuilstort.)

Ondertussen op m’n kamer ook nog een klein doe-het-zelf project aangepakt. Op de muur tegenover m’n bed hing al heel lang een foto van m’n huisbaas uit z’n worsteltijden. Op zich niet zo heel bezwaarlijk, maar aangezien z’n strakke worstelpakkie z’n kruis nogal, ehm, geprononceerd naar voren liet komen, en je je daar op een gegeven moment toch aan gaat storen, vond ik het tijd om in dit nieuwe jaar maar evens even fijnzinnig schoon schip te maken. De ene foto van Dave is dus van de muur af, en verruild voor een Wall of Fame van, eh, 108 foto’s. Juist ja:

Er zijn mensen die hebben opgemerkt dat de foto’s grofweg in een vorm van de Verenigde Staten hangen, maar ik zweer u allen: dat was puur toeval. Hoe dan ook: het kleedt m’n kamer lekker aan en maakt de muur stukken leuker om naar te kijken. Andermans geslachtsdelen op je muur gaat na een tijdje ook vervelen…

Sprekend over Dave: zijn ouders logeren op ‘t moment hier, en die ouders zijn de grootste rednecks die ik ooit heb gezien (ook qua omvang niet onaanzienlijk, maar daar gaat het niet om). Waar het wel om gaat: ‘s avonds houden die twee in bed een snurkwedstrijd. Ik weet niet wie welk geluid maakt, dus wie er vannacht gewonnen heeft weet ik niet—maar ze hebben beiden in ieder geval hard hun best gedaan…Oy.

Dat is het voor nu: ik moet nu even naar de rechtbank om m’n rechter te gaan observeren! U is allen weer een beetje up to date, en vanaf nu zal ik hier weer wat vaker iets neerplempen. Echt waar. Beloofd.

(En voor degenen die echt alles willen horen, van de keuken die ik gisteren bijna in de fik gezet heb tot allerlei andere dagelijkse beslommeringen, is er Facebook!)