Boven water

Nee, niet neergestort. Ook niet ergens op een vliegveld achtergebleven. Nee: gisteravond gewoon, redelijk op schema, aangekomen in Georgetown. Bevallen doet het hier vooralsnog prima: het weer is zeer oké, de mensen zijn allemaal extreem (bijna eng) vriendelijk en m’n bed is prima… want de vlucht hierheen was behoorlijk lang, en redelijk tot zeer vermoeiend — afhankelijk van of mijn buurvrouw in het vliegtuig sliep of niet. Vanaf Heathrow tot aan Dallas had ik namelijk het genoegen naast een echte Texaanse plaats te mogen nemen. Een dokter, van een jaar of 45, schat ik zo, maar dat kwam pas ergens na het tweede uur aan boord ter sprake. Eerst was het namelijk de beurt aan wat vakantieverhalen (voornamelijk over de Europacruise die mevrouw met haar zussen en moeder had gemaakt) en een kleine introductie van haar gezinnetje (één dochter, twee zoons, waarvan één ‘a real nice kid’ was en de ander ‘just all over the place’ was en volgens mamalief net iets meer marihuana rookte dan goed voor ‘m was). De rest van de vlucht werd familie een beetje naar de achtergrond verdreven om plaats te maken voor iets dat ze veel liever deed: goede adviezen geven, en dat voornamelijk tijdens haar cursus “Texas 101”, ofwel “Texas for dummies”. Resultaat: ik weet nu alles over kicker dancing, hoe om te gaan met “weed-smoking” en “fornicating” roommates (jawel!) en natuurlijk waar ik in Texas allemaal heen zou moeten gaan. Dat, en ik heb mijn eerste uitnodiging voor een Thanksgiving dinner binnen…

Eenmaal in Dallas was ik eigenlijk behoorlijk blij dat ik even niet beleefd hoefde te knikken tegen zo’n knauwende spraakwaterval, maar erg veel tijd om daarvan te genieten had ik niet…de overstaptijd in Dallas die me in eerste instantie erg ruim leek, bleek toch wat aan de krappe kant: na alle security checks, douanehandelingen en het wachten op en weer afgeven van m’n bagage had ik nog precies 2,5 minuut over om aan boord te komen van het vliegtuig. Gehaald! Ik in ieder geval wel, een halfuurtje later op het vliegveld van Austin bleek dat een deel van m’n bagage het niét had gered. De mevrouw van American Airlines wist wel, op zeer geruststellende wijze, te vertellen dat “at least we know it’s in the USAaaaa” (uitspreken met een lichte knauw voor maximaal hilarisch effect). Dat was prettig, want dat betekende dat de koffers die ik in Dallas hoogstpersoonlijk op de bagageband had geparkeerd niet ineens als ontwikkelingshulp naar de derde wereld waren verscheept. Maar vooruit: het belangrijkste deel van de spullen was er gelukkig wel en dus na achterlating van naam en adres met Taija (een andere uitwisselingsstudente, uit Finland) en Noah (de jongen van Southwestern die ons kwam ophalen) in de auto gestapt en naar de universiteit gereden. Eenmaal buiten het vliegveld krijg je overigens een flinke klap in je gezicht van de vochtige hitte, en als je eens goed begint rond te kijken valt op dat alles, maar dan ook echt alles, zo ontzettend groot is. Zelfs simpele dingen als bagagekarretjes op het vliegveld zijn nèt een slagje groter dan normaal…

Eenmaal op de campus hebben Taija en ik daar onze spullen gedumpt en zijn we daarna met Noah doorgereden naar (natuurlijk) een of ander Tex-Mexrestaurant om daar eerst eens wat ‘behoorlijks’ te eten na een dag lang op vliegtuigvoedsel te hebben geteerd. Prima te doen! Daarna maar weer teruggegaan naar de campus en daar bij Noah neergestreken in zijn appartement met een glas wijn. Best gezellig gepraat, die Noah is wel een sympathieke kerel. Rond een uur of 10 maar eens naar m’n eigen plek gegaan, want ik voelde het stiekem toch wel dat ik op dat moment al zo’n 26 uur wakker was. 

Ik ben op de campus overigens gestald in een tijdelijk appartement, samen met een van de andere uitwisselingsstudenten (de Duitser, Jhonny), omdat onze eigen kamers in Moody-Shearn nog niet zijn uitverbouwd. Dat is zowel jammer als niet-jammer: het appartement waar we nu in zijn gestald (2 separate slaapkamers met eigen badkamer, woonkamertje, keukentje) is blijkbaar veel aantrekkelijker dan de plek waar we uiteindelijk terecht zullen komen. Bovendien kijken de locals je hier met bijzonder meelijwekkende blikken aan als je ze vertelt dat dit helaas maar tijdelijk is en je nog zult moeten gaan verhuizen naar MS… Onze smeekbede bij de coördinator van het international office om ons hier maar te laten heeft alleen niet geholpen en dus staat voor vanmiddag de verhuizing op het programma. Mijn ‘echte’ roommate arriveert als het goed is morgen, dus dan heb ik nog mooi even de tijd om het beste bed in de kamer uit te zoeken.

Over roommates gesproken: ik hoop wel dat m’n definitieve roommate een wat ander type is dan deze Duitser met wie ik nu ben opgescheept. Geen vervelende kerel hoor, maar gewoon èrg Duits: gründlich, pünktlich, nogal op zichzelf en niet erg van de smalltalk. Dat maakt een en ander gewoon nèt wat minder gezellig. Tussen de andere uitwisselingsstudenten (er zijn er dit semester vijf gearriveerd, en er zijn nog zo’n vijf permanente buitenlanders op de campus, dus we zijn ècht foreign in de meest brede zin van het woord) zitten ook wel wat rare figuren: Taija, de Finse, bijvoorbeeld, lijkt het hier net één groot Disneyworld te verbinden — ze verbaast zich werkelijk over àlles. Van de keuze aan cereal bij het ontbijt tot aan de breedte van de stoep aan toe. Bovendien voelt ze ook de constante behoefte om die verwondering met ons te delen. Voorlopige conclusie: een enigszins dozig typ. Dan hebben we nog twee mensen uit Groot-Brittannië: Tara uit Noord-Ierland is een wat teruggetrokken figuur (en dat terwijl haar figuur zich lastig op de achtergrond laat plaatsen…) en zegt niet zoveel, Julie uit Schotland is iets gezelliger en wat spraakzamer, maar heb ik ook nog niet zoveel gezien. 

Gisteren, de dag na aankomst (en een heerlijke nacht slaap) zijn de meeste administratieve dingen geregeld. Foto’s genomen, pasjes gemaakt, postbus gekregen, definitief ingeschreven voor vakken, en dat soort dingen. Ook een rondleiding over de campus gemaakt en die is èrg netjes. Mooie bieb, keurige mensa en allemaal geairconditioned tot het vriespunt.

Het tijdelijke appartement in McCombs Campus Center
Het tijdelijke appartement in McCombs Campus Center
De kapel van de universiteit
De kapel van de universiteit

‘s Middags ook nog even met Noah boodschappen gedaan bij Target (een combinatie van een supermarkt, een Blokker en een Hema) voor wat ‘bare essentials’ als een kussen, wat flessen water en wat klein spul. Het grote werk komt nog wel: ik wil het niet allemaal mee hoeven slepen van dit appartement naar m’n definitieve kamer.

De dag gisteren afgesloten met een optreden van een stand-up comedian, Jay Phillips. Had ik nog nooit van gehoord, maar grappige kerel en niet te bang om in het hol van de leeuw (Texas) George W. eens lekker af te branden bij de enkeltjes. Dat leverde af en toe best een wat ongemakkelijke stiltes op…netjes. Hier overigens een filmpje van de beste kerel: dit was ergens anders, maar het stukje over honden schoppen (wat heeft ‘ie daar mee?) liet ‘ie hier ook horen:

Jay Phillips op Collegehumor.com

Wel, dat is het voor nu wel even, denk ik… heb hier net ontbeten en ga zometeen m’n koffers maar weer eens inpakken voor de verhuizing. Tot later!